donderdag 13 augustus 2009

Bad en Onsen

We badderen wat af hier. Twee maal per dag doen wij dat, bij het opstaan (ónze gewoonte) en bij het naar bed gaan weer (Japanse gewoonte, wij passen ons graag aan). Als het aan ons lag badderden we nog vaker, het is hier immers stervensheet. We gaan in bad in ons appartement, maar onlangs viel ons ook de eer ten deel om ons te reinigen in de Onsen, het heilzame natuurbad in een Ryokan in Hakone.

De badkamer in ons appartement bezoeken we dus zeer regelmatig. Eerst wordt er geschrobd en geboend en daarna wordt het schone lijf gedouched. Tijdens dat douchen is er telkens weer tijd om om je heen te kijken en te beseffen hoe mooi dat badkamertje in elkaar zit. De badkamer is een grote kunststof doos met een gat er in voor de deur - en uiteraard her en der ook gaten voor de aan- en afvoer van water en lucht. De badkamer is dus uit één stuk gemaakt. Wij schatten in dat tijdens het bouwen van het huis, onmiddellijk na het storten van de fundering, de badkamerdoos werd neergezet, waarna het huis er om heen werd gebouwd.

De badkamer wordt betreden via een voorportaal waar de kaptafel voor de dames zich bevindt en onze scheerspullen liggen. De wasmachine staat ook hier en we plukken elke dag schone handdoeken uit de wasmand. Via een zuigende klapdeur betreden we de eigenlijke badkamer, de doos. Overigens, over doos gesproken, zoals je in Nederland ook vaak een toilet in de badkamer aantreft, zul je dat hier tevergeefs doen. Japanners beschouwen badderen en toiletgebruik als twee niet aan elkaar te linken zaken. Dat hoort gescheiden.

De vloermaat is vierkant. Een derde wordt ingenomen door een bad, de rest is de ruimte waar je jezelf wast alvorens je het bad instapt. Je wast jezelf zittend op een krukje, maakt gebruik van het water dat uit een pijpje komt onder bij de vloer, draait de stand van de kraan daarna op douche en spoelt jezelf af. Dat kan dan zittend of staande al naar believen. Je spettert en spattert maar, maakt allemaal niet uit. Plonzen maar. Alles is van kunststof, gegoten uit een stuk. Het bad, de tegeltjes, plafond, muren, krukje, alles. Het water loopt onmiddellijk weg, sijpelt niet onder deuren door zoals thuis en in een mum van tijd is de boel weer droog. Tot "de boel" rekenen we overigens onszelf niet, want zoals we al meldden is het huis om de badkamer heen gebouwd, er kan nergens een raam open, dus het is en blijft er lang dampig. Afdrogen is meer een ritueel dan een effectsorterende handeling.

Waar je in Nederland bij de Baderie een badkuip, douche, wasbakken en kranen apart uitzoekt, tegels voor vloer en wanden selecteert en matcht bij de kleur van de wastafel is dat hier niet nodig. De badkamer is prefab, kunststof en efficient. Wij zijn enthousiast van de functionaliteit van de Japanse badkamer, gebaseerd op de Japanse traditie van gescheiden reinigen en baden.

Het kan nog fijner. We kregen de gelegenheid om tijdens een reisje naar de Fuji-san in Hakone te overnachten in een Ryokan, een traditionele Japanse herberg. In het bergachtige en vulkanische Hakone borrelt het warme geiserwater op tal van plaatsen zo op uit de grond, Japanners kennen aan dit water heilzame werkingen toe en baden er graag in. Deze natuurlijke baden worden onsen (温泉) genoemd. Japan is een vulkanisch actief land en er zijn daardoor duizenden onsen verspreid over het hele land.

Oorspronkelijk was een onsen een openbaar bad en tegenwoordig hebben ze vooral een aantrekkingskracht op Japanse toeristen. Een onsen ligt vaak buiten de stad en biedt de mogelijkheid het hectische stadsleven te ontvluchten en gezamenlijk te ontspannen. De Ryokan- herberg- is om en over de onsen heengebouwd. Wij hadden aldus de beschikking over een indoor zwembad.

Wij kwamen er laat in de middag aan, namen deel aan de Washoku, de Japanse traditionele maaltijd van ruim twintig verschilende gerechtjes gebaseerd op alles wat in de zee leeft en spoedden ons daarna naar onze kamer. Daar kregen we les van Takuo in het aandoen van de Yukata, de Japanse zomerkimono. Na drie maal aan en uit, besloten we dat het goed genoeg was en was het tijd voor showtime. Even onszelf aan de dames in het gezelschap vertonen, die verrukt in de handen klapten en giechelden in de terechte veronderstelling dat er niets onder de Yukata zat. Qua kledingstukken. We gingen immers in bad!

Voor het bad is een kleedruimte. Na al die moeite van het kleden in de Yukata, kon deze nu reeds weer uit en opgeborgen in een eigen rieten mand. Het was zaak ons volledig te ontkleden en badkleding is niet toegestaan. Het enige dat we mee mochten nemen is een klein handdoekje. Dames en heren baden in deze onsen gescheiden, wel in dezelfde ruimte en met het zelfde water, maar gescheiden door een (te) hoog tussenschot. Praten kan dus wel, maar kijken niet.

Eenmaal in de badruimte dienden we ons eerst te reinigen met heet water en zeep en shampoo in flacons. Pas daarna - nadat ook de laatste restjes zeep waren weggespoeld - konden we ons behoedzaam, centimeter voor centimeter, in het onbeschrijflijk knoeperhete melkwitte water laten zakken. Het meegenomen handdoekje dient om het gezicht af en toe af te vegen, maar het mag niet in het water komen. Vaak ziet men baders met het opgevouwen doekje op het hoofd maar men kan het ook naast het bad neerleggen. Het water is duidelijk zwavelhoudend, ondoorzichtig en riekt dus op zijn minst ongewoon. Maar na 10 minuten loom hangen in het bad besloten we dat alles volledig in orde was, het water, onze reis, Japan, de wereld, de Melkweg.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten